Nihilstelling partneralimentatie en terugbetalingsverplichting

M en V zijn in 2001 met elkaar gehuwd. In 2007 gaan zij feitelijk uiteen, als M de echtelijke woning verlaat en elders zijn intrek neemt. V blijft in de echtelijke woning wonen, waarvan M de hypothecaire termijnen voldoet. M vindt in X een nieuwe partner, met wie hij in 2009 dochter D krijgt. In 2014 wordt het huwelijk van partijen door echtscheiding ontbonden. Daarbij stelt de rechtbank, conform de door partijen in hun echtscheidingsconvenant gemaakte afspraak, de door M aan V te betalen partneralimentatie vast op € 679 per maand.

Lees meer

Moeder krijgt toestemming voor verhuizing en minderjarige krijgt hoofdverblijfplaats bij moeder

Uit het huwelijk tussen M en V is (de nu nog minderjarige) dochter D geboren, over wie zij gezamenlijk het ouderlijk gezag uitoefenen. Het gezin woont in [A]. In 2023 wordt het huwelijk door echtscheiding ontbonden. V heeft in X, die in [B] woont, een nieuwe partner gevonden en is in april 2023 (zonder D) bij hem ingetrokken. V en X hebben in augustus 2023 zoon Z gekregen. D woont bij M in [A].

Lees meer

Benoeming vereffenaar op verzoek schuldeiser nadat alle bekende erfgenamen hebben verworpen

Ex-partner heeft krachtens echtscheidingsconvenant nog een vordering (opeisbaar na overlijden) op erflater voor de helft van de verkoopwaarde van het huis. Nu erflater is overleden verzoekt zij als schuldeiser benoeming van een vereffenaar voor zijn nalatenschap o.g.v. art. 4:204 lid 1 onder b BW.

Lees meer

Huisarts moet medisch dossier verstrekken omdat testatrice mogelijk wilsonbekwaam was

De ongehuwde en kinderloze D is terminaal ziek. Op 13 juni 2023 ondertekent zij een testament, waarin zij X (de partner van haar boekhouder) benoemt tot haar enig erfgename. Drie dagen later overlijdt D.
Z (de broer van D en zelf huisarts) is voornemens het laatste testament van D aan te vechten. In kort geding vordert hij daarom veroordeling van H (de huisarts van D) tot afgifte aan hem van het volledige medische dossier van D over het laatste half jaar van haar leven. H beroept zich op zijn medisch beroepsgeheim (artikel 7:457 BW).

Lees meer

De kort-gedingrechter beoordeelt welke informatie de langstlevende dient te verstrekken aan de dochters van erflater

Dochters van erflater vorderen in kort geding van de langstlevende echtgenote afgifte van de boedelbeschrijving en de onderliggende stukken, de aangiften Inkomstenbelasting en bankafschriften, zodat zij de omvang van hun erfdelen kunnen vaststellen nu de wettelijke verdeling van toepassing is.

Lees meer

Vordering tussen ongehuwden wegens investering in gemeenschap kan verjaren

Na het beëindigen van hun samenwoonrelatie twisten M en V over de vraag of M een vordering heeft omdat hij uit privévermogen heeft afgelost op het overbruggingslening die partijen waren aangegaan voor de verkrijging van de gemeenschappelijke woning.

Lees meer

Onrechtmatige daad door plaatsen video’s op TikTok met onjuiste informatie beëindigde relatie

M en V hebben eind 2020/begin 2021 een korte affectieve relatie met elkaar. M is verslaggever, heeft voor de televisie gewerkt en maakt tegenwoordig een online programma. Na het einde van de relatie publiceert V een video op TikTok over haar relatie met M. Daarin vertelt zij onder meer dat zij tijdens de relatie erg jong was, dat ‘de lieve’ M plotsklaps omsloeg in ‘een gemeen en toxic vriendje’ en dat zij meisjes ‘van 15, 16, 17, misschien nog wel jonger’ wil beschermen tegen ‘dit soort zielige, veel te oude ventjes’.

Lees meer

Toedeling BV-aandelen naar de waarde bij ontbinding huwelijksgemeenschap

M en V zijn in gemeenschap van goederen met elkaar getrouwd. M is zelfstandig ondernemer en oefent zijn bedrijf uit in [BV]. De aandelen in [BV] behoren tot de huwelijksgemeenschap. In 2012 wordt het huwelijk door echtscheiding ontbonden. Dat de aandelen in [BV] aan M moeten worden toegedeeld, staat niet ter discussie. Partijen twisten over de vraag welke waarde daarbij dient te worden gehanteerd.

Lees meer

Dat moeder het niet eens is met beslissing, maakt niet dat zij eigenrichting mag plegen

Uit de – inmiddels beëindigde – affectieve relatie tussen M en V is in 2016 zoon Z geboren, over wie zij gezamenlijk het ouderlijk gezag uitoefenen. Z heeft zijn hoofdverblijfplaats bij V. Tussen hem en M is een omgangsregeling van kracht. Op 23 augustus 2022 bericht V per e-mail aan M dat zij met Z naar Spanje is verhuisd. M start daarop een procedure tot terugverhuizing.

Lees meer

Echtgenote is geen erfgename omdat zij nog steeds van tafel en bed was gescheiden

M en V zijn in gemeenschap van goederen met elkaar getrouwd. Uit het huwelijk zijn drie (inmiddels meerderjarige) kinderen geboren: zoon Z1, zoon Z2 en dochter D. In 1992 scheiden M en V van tafel en bed, maar blijven in hetzelfde huis wonen. In 2005 overlijdt M zonder bij testament over zijn nalatenschap te hebben beschikt. Tot de nalatenschap behoren twee onroerende zaken. Volgens de verklaring van erfrecht heeft V krachtens wettelijke verdeling alle goederen van de nalatenschap verkregen. V draagt daarop de ene onroerende zaak over aan Z1 en de andere aan Z2.

Lees meer