Gerechtshof Arnhem- Leeuwarden: feitelijke samenwoning geen vereiste voor artikel 1:160 BW (einde alimentatieplicht)

Het huwelijk tussen M en V is door echtscheiding ontbonden. V heeft inmiddels in X een nieuwe partner gevonden. De rechtbank heeft een door M aan V te betalen partneralimentatie vastgesteld. M gaat in hoger beroep, stellende dat V op 1 april 2013 is gaan samenleven met X als waren zij gehuwd en dat dientengevolge zijn alimentatieverplichting jegens V van rechtswege is geëindigd (artikel 1:160 BW).
V erkent een duurzame affectieve relatie met X te hebben, maar ontkent met hem samen te wonen. In een geval waarin niet aan het samenwoningsvereiste wordt voldaan, volgt uit de jurisprudentie van de Hoge Raad dat niet tot het oordeel kan worden gekomen dat sprake is van een samenleven als waren zij gehuwd in de zin van artikel 1:160 BW. In casu is dus niet aan de cumulatieve vereisten van artikel 1:160 BW voldaan, aldus V, die er op wijst dat zij en X ieder hun eigen woning hebben.

Lees meer

Werkelijke woonlast versus forfaitaire woonlast

Uit het huwelijk tussen M en V zijn twee (nu nog minderjarige) kinderen geboren. In 2015 wordt het huwelijk door echtscheiding ontbonden. De kinderen hebben hun hoofdverblijfplaats bij V. De rechtbank heeft de door M aan V te betalen kinderalimentatie vastgesteld. V gaat in hoger beroep. Volgens haar heeft de rechtbank ten onrechte rekening gehouden met de forfaitaire woonlast van M, aangezien deze aanmerkelijk afwijkt van de werkelijke (lees: aanzienlijk lagere) woonlasten die M moet voldoen.

Lees meer

Pintransacties leidden tot zuivere aanvaarding van de nalatenschap

Een erfgenaam heeft pintransacties verricht van de bankrekening die behoorde tot de nalatenschap. Volgens het Hof is hierdoor de nalatenschap zuiver aanvaard op grond van artikel 4:192 lid 1 BW.

Lees meer

HR: rechtbanken en gerechtshoven moeten alimentatieberekening bij hun uitspraak voegen

M en V zijn in 1971 met elkaar gehuwd, welk huwelijk in 2006 door echtscheiding is ontbonden. In de echtscheidingsbeschikking heeft de rechtbank de door M aan V te betalen partneralimentatie vastgesteld op € 1.835 per maand. M is op 1 augustus 2012 met pensioen gegaan. M verzoekt de rechtbank de door hem te betalen partneralimentatie op een lager bedrag vast te stellen. De rechtbank honoreert het verzoek en bepaalt dat M met ingang van 1 augustus 2012 een alimentatie van € 480 per maand dient te voldoen. In hoger beroep overweegt het hof dat ‘op grond van de feiten en omstandigheden die hiervoor zijn vermeld en van hetgeen hiervoor is overwogen, een door de man met ingang van 1 augustus 2012 te betalen uitkering tot levensonderhoud van de vrouw van € 530 per maand in overeenstemming met de wettelijke maatstaven’ is.V gaat in cassatie.

Lees meer

Wettelijke indexering alimentatie 2016 bedraagt 1,3%

Wettelijke indexering alimentatie 2016 bedraagt 1,3%

Ingevolge artikel 1:402a BW worden de bij rechterlijke uitspraak of bij overeenkomst vastgestelde partneralimentatie en kinderalimentatie jaarlijks met ingang van 1 januari automatisch met de wettelijke indexering verhoogd, tenzij deze uitdrukkelijk is uitgesloten.

Met ingang van 1 januari 2016 wordt de alimentatie ingevolge de wettelijke indexering verhoogd met 1,3%.

HR volgt advies A-G: kindgebonden budget vermindert niet behoefte kind aan alimentatie

Bij de vaststelling van de door de ouders verschuldigde alimentatie voor hun minderjarige kinderen moeten het kindgebonden budget inclusief ‘alleenstaande ouderkop’ niet in aanmerking worden genomen bij de bepaling van de behoefte van het kind. Het kindgebonden budget moet worden meegeteld in de berekening van de draagkracht van de ouder die het kindgebonden budget ontvangt. Dat heeft de Hoge Raad op 9 oktober beslist in antwoord op een prejudiciële vraag van het gerechtshof Den Haag.

Lees meer

Kan artikel 1:159 lid 3 BW bij overeenkomst worden uitgesloten?

Het Gerechtshof Den Bosch heeft bij arrest van 23 juli 2015 beslist dat artikel 1:159 lid 3 BW niet bij convenant door partijen kan worden uitgesloten. Artikel 1:159 lid 3 BW is geen regelend recht kan niet door partijen worden uitgesloten. Aan de alimentatieplichtige moet de mogelijkheid geboden blijven wijziging van het alimentatiebeding te vragen wanneer hij/zij op grond van een zo ingrijpende wijziging van omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet langer aan het beding mag worden gehouden.

Lees meer

Leidt kindgebonden budget tot verlaging kinderalimentatie?

De familiekamer van het Gerechtshof Den Haag heeft op 3 juni jl. een uitspraak gedaan, waarbij aan de Hoge Raad prejudiciële vragen zijn gesteld.

Lees meer

Wetsvoorstel hervorming kindregelingen

Het wetsvoorstel Hervorming Kindregelingen is op 24 juni 2014 aangenomen door de Eerste Kamer. De Wet treedt volgens de planning in werking per 1 januari 2015. Doel is de regelingen eenvoudiger te maken. Van de huidige 11 kindregelingen die ouders met minderjarige kinderen ondersteunen blijven er maar 4 over: de kinderbijslag, het kindgebonden budget, de combinatiekorting en de kinderopvangtoeslag. De overige regelingen verdwijnen of gaan op in andere regelingen. De regelingen voor kinderbijslag en het kindgebonden budget veranderen bovendien. Wat blijft?

 
Lees meer

Kosten levensonderhoud

Kosten levensonderhoud nieuwe partner heeft voorrang boven kosten kinderen (tenzij-regel)

RM en V zijn de ouders van twee minderjarige kinderen. In 2008 heeft de rechtbank de door M te betalen kinderalimentatie vastgesteld op € 100 per kind per maand. M is in 2011 een geregistreerd partnerschap aangegaan met X, die geen ander inkomen heeft dan de algemene heffingskorting. Het inkomen van M bedraagt € 2.383 bruto per maand.

V vormt met de kinderen van partijen een gezin. Zij ontvangt een bijstandsuitkering.

Lees meer